Bij command guidance ziet de raket zelf helemaal niets. Het vuurleidingssysteem volgt met zijn eigen sensoren twee objecten — het doel én de eigen raket — berekent op de grond (of het schip) de stuuroplossing, en zendt stuurcommando's naar de raket via een datalink (radio) of zelfs een draad (oudere antitankraketten).
Voordelen: de raket is goedkoop en simpel (geen seeker), alle intelligentie zit veilig op het platform en kan geüpgraded worden, en de geleiding is immuun voor tegenmaatregelen die op een seeker mikken (flares, chaff in de eindfase). Nadelen: de nauwkeurigheid van álle metingen verloopt over de afstand vanaf het platform — op grote afstand worden de hoekfouten in meters groot (§ 5.17.1) — en de datalink is een jambaar en peilbaar element. Bovendien blijft het platform de hele vlucht gebonden en zendend.
Command to line-of-sight
Command to Line-Of-Sight (CLOS) is de meest voorkomende vorm: het systeem houdt de raket voortdurend op de zichtlijn tussen platform en doel. De tracker volgt het doel; een tweede meting (radar, TV of een IR-baken op de raketstaart) volgt de raket; de computer stuurt de raket terug naar de zichtlijn zodra hij ervan afwijkt.
- MCLOS (Manual CLOS): de schutter stuurt zelf met een joystick raket én richtpunt — de vroegste antitankraketten; zwaar afhankelijk van training.
- SACLOS (Semi-Automatic CLOS): de schutter hoeft alleen het vizier op het doel te houden; het systeem meet automatisch de raketpositie en stuurt bij — de meeste klassieke draadgeleide antitankwapens en korte-afstands-SAM's.
- ACLOS (Automatic CLOS): tracker en raketvolger zijn beide automatisch (radar/EO) — typische gun/missile-CIWS en korteafstands-luchtverdediging.
Kenmerkend: de raket vliegt de hele weg op de (draaiende) zichtlijn — kinematisch hetzelfde nadeel als beam riding, en effectief beperkt tot korte/middellange afstand. Het verschil met beam riding: bij CLOS worden de correcties berekend op het platform en omhoog gezonden; bij beam riding meet de raket zijn positie in de bundel zelf.
Command off line-of-sight
Bij Command Off Line-Of-Sight (COLOS) hoeft de raket níét op de zichtlijn platform–doel te blijven: het systeem volgt doel en raket onafhankelijk van elkaar (eventueel met verschillende sensoren in verschillende richtingen) en stuurt de raket langs een berekende, gunstigere baan — bijvoorbeeld met voorhoudpunt (lead), een hoogteprofiel boven de mist, of een omtrekkende beweging.
Dit maakt mogelijk:
- Onderschepping op collision course in plaats van achtervolging: minder energieverlies, groter bereik tegen snelle doelen.
- Engagementen buiten de zichtlijn van de lanceerinrichting (de tracker kan ergens anders staan dan de launcher).
- Geleiding tot buiten het seeker-loze bereik: veel langere-afstands-SAM's gebruiken command guidance als midcourse-methode en schakelen pas in de terminal phase over op homing (§ 9.3, § 9.7).
De prijs: nóg zwaardere eisen aan sensoren en datalink (twee precieze tracks plus uplink), en dezelfde fundamentele kwetsbaarheid — de datalink en de volgradars zijn te jammen, en de nauwkeurigheid blijft afnemen met de afstand. Daarom is "command midcourse + homing terminal" het dominante recept geworden: command guidance waar hij goed in is (het lange middenstuk), homing waar precisie nodig is (het laatste stuk).