Stealth (signatuurreductie, low observability) is de stilste vorm van ECM: niet storen, niet misleiden, maar zorgen dat de sensor te weinig signaal krijgt om überhaupt te detecteren. Het valt de energiebalans zelf aan — de radarvergelijking van § 5.6.
De technieken per signatuur:
- Radar (RCS, § 5.5):
- Vormgeving (shaping) — het leeuwendeel: vlakke, schuine panelen en uitgelijnde randen kaatsen de energie wég van de radar in plaats van terug (een conventioneel toestel heeft overal hoeken die als reflector werken); geen rechte hoeken, afgedekte motorinlaten, interne wapenruimen.
- Materialen — voor de restjes die shaping niet wegkrijgt. Er zijn twee vormen, en het verschil is belangrijk:
- RAM (Radar Absorbent Material): radarabsorberend materiaal dat als laag op het oppervlak wordt aangebracht — coatings, verven en opgelijmde panelen (bijv. met carbonyl-ijzer of grafiet) die de RF-energie in een dunne, verliesgevende laag omzetten in warmte. Effectief, maar het voegt gewicht toe, slijt onder weer en gebruik, en vergt intensief onderhoud — de beruchte "stealth-onderhoudslast".
- RAS (Radar Absorbent Structure): hier is de absorberende functie ingebouwd in de dragende constructie zelf — meestal composiet-lagen (een honingraat- of laminaatstructuur met verliesgevende materialen) die tegelijk krachten dragen én radar absorberen. RAS is lichter en duurzamer dan een opgebrachte laag en zit "designed-in" in het casco, maar moet vanaf het ontwerp worden meegenomen en is niet achteraf aan te brengen.
- Detail-discipline: panelen, naden, antennes en zelfs schroefkoppen zijn potentiële reflectoren; stealth is ook een onderhoudsregime.
- IR (H6): uitlaatstralen mengen met koude buitenlucht, afgeschermde/platte nozzles, brandstof als warmteput, IR-arme verf — tegen IRST's en hittezoekers.
- Emissies (EMCON): de eigen radar en datalinks zijn verklikkers (§ 10.2.3); stealth-platforms werken zoveel mogelijk passief, met LPI-golfvormen (§ 5.13.1) en strakke emissiediscipline.
- Visueel/akoestisch: kleurschema's, contrails vermijden, geluidsarme profielen.
Wat stealth wél en níét doet, volgt uit de vierdemachtswortel (§ 5.6): RCS van 5 m² naar 0,0005 m² (factor 10.000) verkort de detectieafstand "slechts" met factor 10. Stealth maakt onzichtbaar op afstand, niet onkwetsbaar dichtbij. Doel is de detectie- en engagementringen van de tegenstander zó te laten krimpen dat er gaten ontstaan om doorheen te plannen — stealth is een missieplannings-instrument, geen onzichtbaarheidsmantel.
Counter-stealth volgt dezelfde fysica: lange golflengtes (VHF/UHF, § 5.8) waar shaping slecht werkt, bistatische/passieve radar (§ 5.14) die de wéggekaatste energie opvangt, multistatische netwerken en sensorfusie, en IRST's die de warmte zien die geen RAM kan verbergen. Stealth + EW + tactiek blijft daarom een pákket: de jammer en de decoy beschermen precies de signatuur-restjes die stealth overlaat.