EMS Leeromgeving · Inhoud · Hoofdstuk 25 · §25.3 · English version

§25.3 Wat fusie toevoegt: cueing en correlatie

Open §25.3 in de academy

Simpel gezegd

Denk aan een groep wachtposten: de één hoort iets en wijst, de ander kijkt er met een verrekijker naar, en samen weten ze meer dan ieder afzonderlijk. Zo wijzen sensoren elkaar in.

In de praktijk

Een counter-dronesysteem rond een basis werkt zo: een RF-detector hoort de afstandsbediening van een drone, wijst een radar in voor de precieze positie, een camera bevestigt dat het een drone is, en dan pas volgt een jammer of een wapen. De radar kan stil blijven tot hij nodig is.

Fusie is meer dan sensoren naast elkaar zetten. De waarde zit in cueing (de ene sensor wijst de andere in) en correlatie (metingen aan elkaar koppelen tot één spoor). Een passieve RF-hit cuet de radar naar een sector; de radar levert een nauwkeurige track; EO/IR bevestigt en identificeert. Zo ontstaat een betrouwbaarder beeld dan elke sensor afzonderlijk — en je houdt je radar langer stil (§18, EMCON) omdat de passieve sensoren het eerste werk doen.

Passief RF detectie + sector cue Radar track + afstand cue EO/IR identificatie Eén doelspoor Cueing-keten: elke sensor wijst de volgende in
In plaats van alle sensoren tegelijk blind te laten zoeken, wijst de ene de andere in: passief RF → radar → EO/IR → één bevestigd, geïdentificeerd doelspoor.