EMS Leeromgeving · Inhoud · Hoofdstuk 21 · §21.3 · English version

§21.3 Uplink- vs downlink-jamming

Open §21.3 in de academy

Simpel gezegd

Een satellietverbinding kun je bij de satelliet storen — dan raakt het iedereen in zijn dekkingsgebied — of vlak bij de gebruiker, en dan alleen die omgeving.

In de praktijk

In Oekraïne verstoren Russische systemen zoals de Peresvet-M de Starlink-terminals rond een object: een beschermde bel van naar verluidt zo'n 20 km² (§21.5), geen storing van het hele netwerk. Militaire satellietverbindingen gebruiken gerichte bundels en frequentiesprongen om zulke storing te weerstaan.

Het onderscheid bepaalt het effectgebied — vergelijk de geometrie van stand-off vs stand-in jamming (§15):

satelliet footprint uplink-jamming → hele footprint gebruiker downlink-jamming → lokaal
Uplink-jamming stoort de satelliet-ontvanger en raakt iederéén in de footprint; downlink-jamming stoort één gebruiker lokaal. Vergelijk de stand-off/stand-in-afweging bij SEAD (§15).
Satellietschotels van een Amerikaans 'space aggressor'-eskader, dat in oefeningen SATCOM-verbindingen stoort zoals een tegenstander zou doen.
Satellietschotels van een Amerikaans 'space aggressor'-eskader, dat in oefeningen SATCOM-verbindingen stoort zoals een tegenstander zou doen. Foto: U.S. Air Force (1st Lt Charles Rivezzo) / Wikimedia Commons — publiek domein.

Daarnaast bestaat spoofing/meaconing: vervalste of heruitgezonden signalen — in de geest van GNSS-spoofing (§14), maar toegepast op SATCOM. En dazzling: een optische verkenningssatelliet tijdelijk verblinden met een laser (§7, §19), zodat hij even niets bruikbaars vastlegt.