De medaille heeft twee kanten. Cognitive radar past zíjn eigen waveform realtime aan op de omgeving en op waargenomen jamming — het verandert frequentie, pulsvorm of zoekpatroon zodra het merkt dat het gestoord wordt. Het resultaat is een wapenwedloop op machinesnelheid: jouw cognitieve jammer tegen hun cognitieve radar, een gevecht dat zich in milliseconden afspeelt en waarin de mens vooral toezicht houdt.
Dat brengt ook nieuwe uitdagingen:
- Trainingsdata: representatieve signalen van échte dreigingen zijn schaars en gevoelig.
- Vertrouwen en uitlegbaarheid: kan de operator een beslissing vertrouwen die een neuraal netwerk “van binnen” nam?
- Misclassificatie: een verkeerde inschatting leidt tot ineffectieve jamming — of erger, tot fratricide op eigen systemen (§ 18).
Cognitive EW is daarom vooral een software-wedloop: niet wie de zwaarste zender heeft wint, maar wie z'n algoritmen het snelst kan bijwerken.