Klassieke EW leunt op een threat library (of mission data file): een vooraf geprogrammeerde lijst van bekende dreigingen met hun kenmerken en de bijbehorende tegenmaatregel. Een ESM-systeem (§ 13) vangt een signaal op, zoekt het op in de bibliotheek, en de jammer (§ 11) past de juiste, vooraf bedachte techniek toe. Dat werkt prima — zolang je de dreiging van tevoren kent.
Moderne radars maken die aanname wankel. Ze zijn agile, multifunctioneel en software-defined: ze veranderen hun waveform in milliseconden, combineren functies en kunnen volledig onbekende signalen uitzenden. Een vaste bibliotheek loopt dan per definitie achter — en een dreiging die er niet in staat, krijgt geen tegenmaatregel. Dit hoofdstuk behandelt twee moderne antwoorden die je in de oudere hoofdstukken nog niet bent tegengekomen.